Zjuul Devens (B), geboren 11 maart 1948 te Heerlen (NL), is beeldend kunstenaar, met een opleiding Fotografie en Film aan het Hoger Instituut Sint-Lucas te Brussel (1971). In 1997 behaalde hij de meestergraad Beeldende Kunst en Fotografie.

Hij was lector audiovisuele communicatie en multimedia aan de Plantijn Hogeschool van de Provincie Antwerpen, departement communicatiebeheer.

Sinds 1991 heeft hij zowel in binnen- als buitenland individueel en in groep tentoongesteld. Dit gebeurde met fotografisch werk, video-installaties, diaprojecties, zelfportret op video e.a.

Zijn manier van werken formuleert hij zelf als volgt:



“Zowel in mijn foto’s, audiovisuals als installaties spelen thema’s vaak een grotere rol dan een vaste eigen vormentaal. Met het ontstane beeldmateriaal wordt het thema verder uitgediept, waardoor een interactie tussen beeld en verbeelding ontstaat. Ik ga zelfs het ontstane beeld gebruiken bij andere thema’s, die voor mij het logische gevolg zijn van eerdere projecten. Een andere methode van werken is zeer impressionistisch. Als fotograaf word ik getroffen door een structuur, een lichtinval, een ritmisch lijnenspel, een simpele beweging … die wordt vastgelegd om later mee te experimenteren, het bestaande beeld te exploreren.

Eind jaren negentig heb ik de computer als een instrument leren gebruiken. In weze is er niet veel veranderd; waar ik vroeger beelden assembleerde in de donkere kamer of via verschillende diaprojectoren, kan ik in een voorbereidende fase al een resultaat simuleren op mijn beeldscherm.”

Gefascineerd door details en alles willen uitvergroten. Eveneens geobsedeerd door de sporen, die mensen, dieren, planten, (natuur)krachten, maar ook emoties achterlaten.

“Ik ben er mij van bewust dat die sporen tijdelijk zijn: soms blijft iets eeuwenlang waarneembaar, soms een fractie van een seconde. Ik wil het waarneembare tussen “bestaan en verdwijnen” ontleden, selecteren, uitvergroten en tonen.

Ik werk vooral met fotografie. Dit medium geeft mij de gelegenheid om uitsneden te maken, zowel in ruimte als in tijd. Licht en beweging, of het schijnbaar ontbreken ervan, helpen mij hierbij. Bij het zeer ver uitvergroten van digitale beelden zie je vierkantjes, pixels. Zij begrenzen nieuwe ruimtes. Ik gebruik ze om details van de oude eigen ruimte te omkaderen, te benadrukken of te abstraheren.

Het verdwijnen van de sporen, die verwijzen naar iets dat ooit was,  laat dat ook sporen na?”

info.html
07_1.html
zjuul devens07_1.html