Air Cupido, de maatschappij die me halverwege mijn wereldreis al tijdelijk had herenigd met mijn lief, gaat weer vliegen. En een week eerder dan gepland. Op 8 november landt deze jongen weer in de polder. Iberia voert de vlucht van Air Cupido uit.
Eigenlijk stond mijn terugkeer al maanden vastgepind op 15 november, absoluut de laatste dag dat ik met mijn OneWorld-wereldticket nog mag vliegen. Maar, eerlijk is eerlijk, zowel Simone als ik vinden het beiden mooi geweest.
Als de vonk tussen ons niet was overgeslagen een paar maanden voor mijn vertrek - toen mijn baan al was opgezegd en mijn huis al te koop stond - dan was het hoogstwaarschijnlijk wél 15 november geworden. Misschien zelfs nog wat later.
Maar nu? Ik ben er wel klaar mee, met reizen. Veel gezien, veel beleefd, interessante mensen ontmoet. Van het geitenproject in Uganda tot het project ‘Nonk Theo’ in Australië , ik heb geen spijt gehad van mijn besluit om te gaan globetrotten.
Op wereldreis gaan met een relatie, pril en nog volop in het stadium van verliefdheid, heeft de hele onderneming tot een dubbele expeditie gemaakt. Vaak heb ik het gevoel gehad in een wel heel lastige spagaat te zijn beland.
De moderne telecom, van beeldbellen via skype tot chatten, emailen en gewoon bellen, hebben de patiënt in leven gehouden, zij het soms aan het infuus. De telecom kon echter niet tippen aan de tussentijdse herenigingen in Kenia, Amsterdam en Australië.
Na mijn laatste grote project, ‘Nonk Theo’, heeft het nog even geduurd voordat de reismoeheid begon toe te slaan. Vooral in de laatste week in Chili begon ik me steeds meer af te vragen wat ik eigenlijk nog aan het doen was.
De batterij is opgeladen. Ik heb mezelf wel laten zien dat ik zekerheden als een eigen huis en een goede baan kan loslaten voor wat ik eigenlijk wil: een freelancebestaan als verhalenverteller, in de breedste zin van het woord. Ik bruis weer.
Film- en tv-scripts, (onderzoeks)journalistiek, (kinder)boeken en allerlei zinnige en onzinnige multimediaprojecten, waarmee ik jullie nog lang genoeg ga vervelen. In een klein jaartje heb ik een onuitputtelijk bron aangeboord, vrees ik.
Maar nu eerst wat echt belangrijk is. Toegeven dat ik weer terug wil naar Nederland, waar misschien nog wel een veel spannender nieuw project wacht. Van het leven uit de koffer naar een vaste stek, samen met Simone in Amsterdam-Oost.
Nog een weekje Argentinië, met bezoekjes aan vindplaatsen van dinosaurussen in Neuquen, zeeolifanten op schiereiland Valdez en Buenos Aires, een bruisende metropool, maar voor mij vooral de springplank naar Nederland. Argentinië als wachtkamer.
Ik moet toegeven dat ik me soms wel schuldig heb gevoeld. Ferdi die zo nodig de wereld rond moet reizen, zijn ding moet doen. Is dat nou echt belangrijker, vroeg Simone me wel eens. Ik vond het een duivelse vraag, waarop ik slechts één antwoord had.
Dat ik voelde dat mijn reis nog niet klaar was. Een gevoel dat de afgelopen weken echter gaandeweg aan het verdwijnen was. En waarom dan niet een weekje eerder terugkomen, als je thuis iemand eigenlijk al veel te lang op de proef hebt gesteld?
Nu het einde van de reis nadert, krijg ik steeds meer de zenuwen. Toch is er ook rust. Omdat het goed is. Omdat het mooi is geweest, letterlijk en figuurlijk. Omdat ik wel klaar met reizen. Air Cupido, breng me naar huis. En dit keer een enkeltje, graag.